Kwaliteit van ons onderwijs


Doelen en resultaten van ons onderwijs
Sociale ontwikkeling leerlingen
Ontwikkeling personeel
Burgerschap
Invulling van ons onderwijs
Lesuren
Onderwijstijd per vakgebied
 

Burgerschap


Arcade


Burgerschapsonderwijs is op alle scholen van Arcade onderdeel van het curriculum. Wij vinden het belangrijk dat we in ons onderwijs aandacht besteden aan de voorbereiding van onze leerlingen op de samenleving. Dit houdt in dat we onze leerlingen sociale vaardigheden en omgangsregels leren, maar ook vaardigheden over de maatschappelijke dimensie, zoals diversiteit en democratie.  
In Nederland leven veel verschillende groepen mensen naast en met elkaar. Er zijn verschillen in levensstijl, religie, afkomst, regio, voetbalclub enzovoort. Actief burgerschap betekent de bereidheid en het vermogen om een actieve bijdrage te leveren aan onze samenleving. Aspecten van burgerschap kunnen aan bod komen in een vak of leergebied dat inhoudelijk aansluit bij deze thematiek. Ook kunnen schoolbreed onderwerpen worden uitgewerkt, waarbij in alle groepen aandacht voor het thema is.  
 

Onze school


Actief burgerschap


Democratie gaat niet vanzelf, dat moet je leren. Op de Woert werken we in alle groepen wekelijks met de Klasse!box. Een kistje met daarin ruimte voor opmerkingen, complimenten en vragen. De Klasse!box is een leermiddel en een werkwijze om de democratie te oefenen in de klas. Voor kinderen is het niet alleen een efficiënte en effectieve aanpak om te werken aan burgerschapsvorming, het is ook leuk. Tijdens groepsoverleg (planning, klassenvergadering, werkbesprekingen, presentaties) krijgt de box een centrale plaats in de kring. De Klasse!box brengt Levend Leren in de klas!

De bedoeling van de wetgeving democratisch burgerschap en integratie zit ‘m niet alleen in het aanbieden van bepaalde les/leerstof, maar juist ook heel erg in hoe je omgaat met elkaar in de klas, op het plein, wat de regels en afspraken zijn, hoe leer je samenwerken/discussiëren, hoe ga je om met conflicten, welke waarden en normen hanteert de school, e.d. Hieronder een overzicht van de kennis en vaardigheden die via de methode Alles-Apart aangeboden worden:  

Sociale Veiligheid

 
Sinds het schooljaar 2007-2008 werken alle scholen uit de gemeente Coevorden met het schoolpreventieplan. De samenleving is complex. De jeugd wordt geconfronteerd met of komt in aanraking met zaken in de maatschappij waarover voorlichting gewenst is. Het gaat er met name om dat de jeugd zich bewust is of wordt van de gevolgen van risicogedrag en (nog meer) na denkt over hun eigen gedrag en verantwoordelijkheid leert dragen voor eigen keuzes. Kennis, houding en gedrag krijgen binnen het schoolpreventieplan een zwaar accent. De bedoeling is praten over en wijzen op. Daarnaast is het belangrijk dat ook ouder(s)/verzorger(s) van de kinderen betrokken worden, mede gezien hun belangrijke verantwoordelijkheid bij het opvoeden van hun kinderen. Het doel van de voorlichting is aandacht te besteden aan verslaving en overlastpreventie gekoppeld aan de zestien thema’s: roken, alcohol, drugs, gokken, vuurwerk, gedrag, pesten, vandalisme, milieu, geweld, diefstal, verkeersregels, weggebruiker, politie, straffen en Kies Hart voor Sport. Daarnaast is het de bedoeling dat de scholieren meer bekend worden met de taken van de politie. Dit gebeurt door de politieagent (jeugd- of wijkagent) die aanwezig is bij een aantal lessen op school.
 

Burgerschaps beleidsplan OBS De Woert

 
Wat is burgerschapsonderwijs? 
Burgerschapsonderwijs gaat over de ontwikkeling van leerlingen tot democratische burgers. Zij krijgen daarvoor kennis en vaardigheden aangeboden, ze worden gestimuleerd eigen opvattingen te ontwikkelen en een democratische houding te vormen. De kern wordt gevormd door democratie en diversiteit, afgeleid van de wettelijke opdracht. 
 
Bij burgerschapsonderwijs staan drie basiswaarden centraal die van belang zijn in de democratische, pluriforme samenleving: vrijheid, gelijkheid en solidariteit. Ook leren de leerlingen over historische contexten waar de drie basiswaarden, maar ook democratie en de democratische rechtsstaat uit zijn voortgekomen. 
 
Voor leerlingen is de school een oefenplaats voor democratie en het omgaan met diversiteit. Leerlingen leren hoe ze actief kunnen meedoen in een democratische cultuur. Ze leren over besluitvormingsprocessen en de invloed die zij hierop kunnen uitoefenen – passend bij hun situatie en mogelijkheden. 
 
Burgerschapsonderwijs daagt leerlingen ook uit om verbanden te leggen tussen hun eigen leefwerelden en grotere (mondiale) maatschappelijke vraagstukken. Het gaat om globalisering, duurzaamheid en technologie. Leerlingen leren kritisch na te denken en te reflecteren op complexe, vaak ethisch geladen vraagstukken. Door het ontdekken van mogelijkheden om zelf iets te doen aan deze vraagstukken, ontwikkelen leerlingen een actieve houding. Zij leren in gesprek te gaan met anderen en elkaars standpunten te bevragen. Zo ontwikkelen zij hun eigen opvattingen. 
 
Bij burgerschapsvorming gaat het vooral om de houding en de vaardigheden van de leerlingen. Onze school is hier een geschikte oefenplaats voor. Het burgerschapsonderwijs dat wij bieden bestaat uit de volgende kern:
  1. Het bijbrengen van kennis over de democratie en rechtstaat zelf en de grondrechten van de mensen. De basis hiervoor vormen de kerndoelen 36 tot en met 39.
  2. Het bijbrengen van kennis over, inzicht hebben in de werking van en respect hebben voor de achterliggende basiswaarden ook in onderling verband. De basiswaarden zijn: vrijheid, gelijkwaardigheid en solidariteit. Dit betekent dat onze leerlingen kennis moeten krijgen over verschillen in godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, afkomst, geslacht, handicap of seksuele gerichtheid en dat iedereen gelijk behandeld moet worden.
  3. Het ontwikkelen van sociale en maatschappelijke competenties. Leerlingen moeten op school leren om samen te werken en te leven, om te gaan met maatschappelijke spelregels, hun mening leren vormen en die van anderen respecteren en hun eigen identiteit leren ontwikkelen.
  4. Onze school is een respectvolle oefenplaats waarin actief geoefend kan worden met de basiswaarden en burgerschapswaarden geïnternaliseerd kunnen worden. 
 
Brede kijk
Wij gaan uit van een brede blik, burgerschap betekent voor onze school wereldburgerschap. Als leerkracht help je je leerlingen kritische en zelfstandige wereldburgers te worden, zodat ze vandaag en morgen kunnen leven, leren en werken in onze diverse samenleving.
 
Voor leerlingen begint de wereld op school. Op school zijn zij onderdeel van een micro-samenleving waarin ze in aanraking komen met verschillende personen, denkwijzen, culturen, religies, sociaaleconomische klassen, en uiteraard lesonderwerpen. Het onderdeel zijn van deze micro-maatschappij draagt al bij aan een deel van de doelen van burgerschapsonderwijs. 
 
Hoe zien onze leerlingen eruit als wereldburgers? In aansluiting daarop gebruiken wij de methode “Alles-in-1” als leerlijn voor de vormgeving van dit onderdeel. Daarnaast wordt ook “Levend Leren” ingezet.

Alles-in-1
Zoals alle vakken en vaardigheden bij Alles-in-1 heeft burgerschap een integraal karakter en dat is ook hoe curriculum.nu dat voor zich ziet.
Burgerschapsonderwijs is voor een deel ‘leren over’ burgerschap waarbij een methode leerstof en/of opdrachten heeft opgenomen in de leermiddelen. Voor een overzicht waar deze bouwstenen expliciet binnen Alles-in-1 zijn opgenomen, zie het schema hieronder. In de overige projecten is burgerschap impliciet opgenomen; daar waar het logisch aansluit.
Voor een ander groot deel bestaat burgerschap uit ‘leren door’ en ‘leren van’ ervaringen in een sociale omgeving waarin leerlingen, leraren en niet-onderwijzend personeel elkaar ontmoeten. Waarbij ervaringen en opvattingen uitgewisseld worden, grenzen verkend en rekening houdend met elkaar. Doelen voor burgerschap beperken zich niet tot een vak, maar komen terug in dagelijkse schoolactiviteiten, gesprekken over gebeurtenissen in de wereld, het schoolklimaat en simpelweg in het ontmoeten van elkaar in de school.
 
Grote opdrachten
Burgerschap
 
Alles-in-1 project
1. Vrijheid en gelijkheid Nederland – Europa – Moderne Geschiedenis
2. Macht en inspraak Nederland – Europa – Moderne Geschiedenis
3. Democratische cultuur Binnen alle projecten waarbij er gesprekken plaatsvinden over overeenkomsten en verschillen. Binnen project Voeding is er expliciet aandacht voor debatteren.
4. Identiteit Mensen – Geloof + Aardrijkskunde projecten
5. Diversiteit Geloof - Kunst + tijdens het uitvoeren van gezamenlijke (tweetallen, kleine groepjes) opdrachten bij ieder project.
6. Solidariteit Mensen – Communicatie + n.a.v. gedichten en verhalen binnen ieder project.
7. Digitaal samenleven Communicatie + bij het doen van een onderzoek of maken van een werkstuk bij ieder project.
8. Duurzaamheid Milieu en Kringloop – Dieren – Planten – Energie + Aardrijkskunde projecten
9. Globalisering Moderne Geschiedenis + Aardrijkskunde projecten
10. Technologisch burgerschap
 
Communicatie
11. Denk- en handelswijzen Binnen alle projecten, ook bij expressie en doe-opdrachten
 
Verplichte kerndoelen 
Om ervoor te zorgen dat we met ons burgerschapsonderwijs in ieder geval de verplichte doelen dekken, zijn de verplichte kerndoelen onze richtlijnen tijdens de lessen, aangevuld met kerndoel 39. Als school(team) hechten we veel waarde aan kerndoel 39 en we willen dit ook uitdragen naar onze leerlingen. De kerndoelen voor burgerschapsvorming zijn op dit moment: 
 
 Kerndoelnummer  Omschrijving kerndoel 
 
Kerndoel 36  De leerlingen leren hoofdzaken van de Nederlandse en Europese staatsinrichting en de rol van de burger. 
Kerndoel 37  De leerlingen leren zich te gedragen vanuit respect voor algemeen aanvaarde waarden en normen. 
Kerndoel 38  De leerlingen leren hoofdzaken over geestelijke stromingen die in de Nederlandse multiculturele samenleving een belangrijke rol spelen en ze leren respectvol om te gaan met seksualiteit en diversiteit in de samenleving, waaronder seksuele diversiteit. 
Kerndoel 39 De leerlingen leren met zorg om te gaan met het milieu.
 
Wij maken als school bewust de keuze om burgerschap te integreren in ons lesaanbod en dus niet als apart vak te onderwijzen. Burgerschap zit immers verweven in veel van de goede dingen die wij in de school doen. Burgerschapsvorming zit bijvoorbeeld in ons aanbod voor sociaal-emotionele vorming, in ons ID, in ons cultuuronderwijs en ga zo maar door. Burgerschap is bij ons geen vak, maar een ‘manier van zijn’ in de school. Dit is in de basisschool als oefenplaats enorm verweven in ons pedagogisch klimaat. Juist bij het spelen op het schoolplein, bij het vrij spelen/werken en bij samenwerkingsopdrachten wordt heel veel geleerd. Zeker als de leerkracht zaken bespreekbaar maakt met de leerlingen.
 
De klassenvergadering als proeftuin voor Burgerschap (Levend Leren)
Bij ons op school worden wekelijk klassenvergaderingen gehouden met behulp van de Klasse!box waarbij de volgende domeinen aan bod komen: democratie, participatie en identiteit.

Klasse!box
Democratie gaat niet vanzelf, dat moet je leren. Niet door abstracte verhalen maar al doende, werkendeweg. Wij werken op school in alle groepen met de Klasse!box. De Klasse!box is een kistje met daarin ruimte voor opmerkingen, complimenten en vragen. De Klasse!box is een leermiddel en een werkwijze om de democratie te oefenen in de klas. Voor kinderen is het niet alleen een efficiënte en effectieve aanpak om te werken aan burgerschapsvorming, het is ook leuk. Een Klasse!box brengt Levend Leren in de klas!
De Klasse!box is een kistje met aan de achterzijde een prikwandje, waarop afspraken en oproepen aan de hele klas bekend gemaakt kunnen worden. De box kan bevestigd worden aan de muur van een klaslokaal, maar het is ook mogelijk om hem los op een tafeltje of kast te zetten. In de Klasse!box zit een kluisje voor het Klasse!kasgeld Tijdens groepsoverleg (planning, klassenvergadering, werkbesprekingen, presentaties) krijgt de box een centrale plaats in de kring.  Naarmate de leerlingen verder in de bovenbouw zitten, gaan ze de vergaderingen ook steeds meer zelf leiden. Het maken van de notulen gebeurt in de bovenbouw door de leerlingen zelf. Hier zit dus een mooie opbouw in.
 
Democratie:
Kinderen worden binnen het domein democratie opgeleid tot burgers die in staat zijn om op de juiste manier om te gaan met verschillende opvattingen en conflicten. Ook wordt het kind getraind op het gebied van sociale vaardigheden, denk aan: Kunnen luisteren, je mening kunnen uiten, om kunnen gaan met kritiek en kunnen discussiëren en debatteren. Binnen dit domein wordt ook de nadruk gelegd op de kennis van grondrechten. Zo leert een leerling wat vrijheid van meningsuiting is en wat gelijkwaardigheid inhoudt.
 
Participatie:
Dit domein richt zich op het meedoen en het meedenken in de klas, de school en daarbuiten. Er wordt gewerkt aan betrokkenheid en verantwoordelijkheid voor de omgeving zowel sociaal, fysiek als emotioneel. De leraar probeert er ook voor de zorgen dat het kind doorkrijgt wat zijn rol is in het groepsproces en hoe er oplossingsgericht gedacht moet worden.

Identiteit:
Een kind stelt vaak vragen als; wie ben ik? Waar wil ik bij horen? Waar wil ik me voor inzetten? Het vormen van het zelfbeeld, het beeld dat het kind van de maatschappij heeft en welke vormen levensbeschouwingen er zijn, behoort ook tot burgerschapsvorming.
In Burgerschaps- en mensenrechteneducatie (Bron en van Vliet, 2012) worden ook inhouden van mensenrechteneducatie in deze driedeling opgenomen. Mensenrechteneducatie moet dan niet gezien worden als ‘lesjes’ over mensen- en kinderrechten. Mensenrechten moeten, zeker in de visie van Bron en van Vliet, op de school beleefd en geleefd worden. Kinderen moeten, ook in de klas, de kans krijgen voor mensen- en kinderrechten op te komen, deze rechten te ervaren en er bewustzijn over te ontwikkelen.
Bron en van Vliet vatten in bovengenoemde publicatie burgerschapsvorming voor het primair onderwijs in onderstaande matrix zo samen:
 
  Democratie Participatie Identiteit
Houding De oplossingsgerichte mens
wil:
  • conflicten op vreedzame wijze oplossen,
  • zich gedragen vanuit respect voor anderen en algemeen aanvaarde waarden en normen;
  • de rol van gezagsdragers bij het oplossen van conflicten respecteren.
  • actie ondernemen om in de eigen gemeenschap mensen- en kinderrechten op het gebied van vrijheid, veiligheid, gelijkheid en respect te realiseren.
De actieve mens
wil:
  • vanuit betrokkenheid samen werken aan een sociaal en ruimtelijk stimulerende en aangename leef- en leeromgeving
De verantwoordelijke mens
wil:
  • zich medeverantwoordelijk voelen voor het recht op eigen ontplooiing en die van anderen.
  • een serieuze en respectvolle dialoog met anderen aangaan.
Vaardigheden De zich informerende mens
kan:
  • eenvoudige informatie op hoofdzaken begrijpen; eigen mening met anderen bespreken;
  • accepteren dat eigen opvattingen niet altijd worden gedeeld;
  • het belang van mensen- en kinderrechten in het eigen leven typeren en bediscussiëren.
De sociaal communicatieve mens
kan:
  • deelnemen aan discussie en overleg;
  • een verbetering in de klas of school meehelpen organiseren en initiëren;
  • bijdragen aan het maken van regels en afspraken in de klas
De zich inlevende mens
kan:
  • basale rolnemingsvaardig-heden toepassen;
  • samenwerken met anderen ongeacht sociale, etnische en/of culturele achtergronden;
  • verschillen en overeen-komsten tussen mensen zien en waarderen;
  • in concrete situaties discriminatie en uitsluiting herkennen.
Kennis De democratisch geletterde mens
Heeft inzicht in:
  • rechten en plichten die kinderen in een democrati-sche samenleving hebben;
  • enkele hoofdzaken van de Nederlandse en Europese staatsinrichting en de
  • rol van de burger;
  • het verschijnsel dat er in een democratie verschillen in opvatting zijn.
De sociaal geletterde mens
Heeft inzicht in:
  • hoe mensen met elkaar positief kunnen commu-niceren.
  • rechten van het kind om aan het gemeenschapsle-ven deel te nemen.
De culturele geletterde mens
Heeft inzicht in;
  • hoofdzaken van geestelijke stromingen die in de Nederlandse Multiculturele samenleving een belangrijke rol spelen;
  • rechten van het kind om een eigen identiteit te ontplooien;
  • het gegeven (?) dat mensen- en kinderrechten voor iedereen gelden.
 
 
 
De klassenvergadering kan in alle velden van de matrix een prominente rol spelen. Dat blijkt bijvoorbeeld uit agendapunten die werden ingebracht in vergaderingen en (leer)activiteiten die worden verricht:
 
  Democratie Participatie Identiteit
Houding ‘We willen een actie op touw zetten om vluchtelingen te ondersteunen’.
 
‘Ik wil de ruzie met Richard bespreken’.
‘Wij willen een gordijn in de leeshoek’.
 
‘We willen een groter stuk op het plein om te ‘kingen’, want nu gaat er veel mis.
‘Ik wil dat het goed gaat in onze groep’.
 
‘Wij willen graag overleggen met de ‘Muizen’ om iets af te spreken over de kinderpostzegelactie’.
Vaardigheden Een rol (voorzitter, secretaris, penningmeester) vervullen binnen de klassenraad.
 
Actief participeren in een klassenvergadering.
Meedenken- en werken met (geld) inzamelingsacties.
 
‘We hebben daar samen afspraken over gemaakt. Ze staan in het schriftje’.
Het organiseren van vieringen en feesten voor de klas en school.
 
‘Ik vond het wel eng om met …… een afspraak te maken’.
Kennis Een bezoek brengen aan de gemeenteraad.
 
In je klas discussiëren en stemmen over voorstellen.
‘Wij willen dat het kunstwerk blijft. Daar hebben we recht op’.
 
‘En kan de gemeenteraad dan beslissen dat onze school sluit?!’
‘Gaan wij ook een monument uit de oorlog adopteren?
 
Meer te weten komen van de multiculturele samenleving door samen te praten over elkaars feesten.
 
 
Leeractiviteiten
Door middel van het houden van klassenvergaderingen worden er allerlei leeractiviteiten gecreëerd die de domeinen binnen het onderdeel burgerschapsvorming beschrijven. Om dit nog concreter te maken, zetten we een aantal competenties op een rij die de negen vlakken van voorgaand overzicht dekken.
 
  Democratie
Houding
  • De leerlingen ervaren hoe ze afspraken kunnen maken en zich aan regels houden, ze leren de besluiten te respecteren, hun betrokkenheid wordt steeds groter, en er kan, wat Micha de Winter een schoolethos noemt, ontstaan.
  • Door de regelmatige bezinning op belangrijke vragen rond het groepsleven en het werk komen de kinderen tot werkelijke verbondenheid. Verbondenheid komt voort uit gemeenschappelijke ervaringen, uit met elkaar dingen doen en ondergaan.
  • Kinderen durven in actie te komen. Bijvoorbeeld een manifestatie op touw zetten om vluchtelingkinderen te ondersteunen.
Vaardigheden
  • Typische vergadervaardigheden als: voorzitten, samenvatten, besluiten nemen, besluiten vastleggen, notuleren, archiveren, keuzen kunnen en durven maken, besluiten nemen en uitvoeren.
  • Democratische vaardigheden als: de leerling verantwoordelijkheid laten nemen en verantwoording afleggen. De leerling moet zich kunnen neerleggen bij meerderheidsbesluiten. De leerling moet minderheidstandpunten in acht blijven nemen. Bewaken van een klimaat waarin ieder zich vrij voelt om zich te uiten. Ruimte bieden aan verschillende standpunten.
Kennis
  • De leerlingen ondervinden in de dagelijkse praktijk wat democratische rechten en plichten betekenen.
  • De leerlingen merken dat rechten en plichten onlosmakelijk aan elkaar verbonden zijn.
 
 
  Participatie
Houding
  • De leerlingen leren dat verdraagzaamheid, inschikken en elkaar helpen, bijdragen aan een goede sfeer. Daardoor kan een willekeurige samenstelling van een groep een coöperatie van mensen worden.
  • De leerlingen ervaren dat ze direct kunnen bijdragen aan de zorg voor hun omgeving, in het lokaal, op school of op het schoolplein. In een dergelijk klimaat wordt leren spannend. Het welbevinden van de groep en de onderlinge solidariteit zullen ook de persoonlijke ontwikkeling van ieder uniek individu binnen de groep ten goede komen.
Vaardigheden
  • Complimenten, felicitaties, voorstellen en klachten formuleren en daardoor mee de agenda bepalen.
  • Verbale en sociale vaardigheden als: je mening kunnen en durven geven; argumenteren; luisteren naar anderen; andere meningen bekritiseren en accepteren.
  • De leerlingen leren omgaan met macht en met de ongelijkheid van informatie en kennis.
 
Kennis
  • De leerling is zich bewust van de sociale druk van de groep die ontstaat wanneer er financiële middelen worden gebruikt of indien er belangrijke beslissingen moeten worden genomen.
  • De leerlingen weten wat een koopovereenkomst is en wat de rechten en plichten van een koper en verkoper zijn.
  • De leerlingen weten welke maatschappelijke en ecologische criteria een rol spelen bij consumeren.
  • De leerlingen komen in aanraking met kinderrechten. Ze weten wat deze rechten inhouden en kunnen dit vertalen naar andere situaties in de wereld.
 
 
 
 
 
 
  Identiteit
Houding
  • De leerlingen ervaren dat de vrijheid van meningsuiting kan leiden tot het kwetsen van gevoelens van anderen.
  • De leerlingen leren oog hebben voor elkaar, leren gevoelens van de ander herkennen.
  • De leerlingen leren respectvol luisteren naar elkaar en reageren op elkaar.
  • Uit de diversiteit van meningen maakt iedere leerling eigen keuzen. Uitspraken van klasgenoten kun je gebruiken bij het vormen van een eigen oordeel. Afdoende leren ze om onafhankelijk te denken.
Vaardigheden
  • In iedere klas zijn er grote verschillen tussen kinderen. Door de dagelijkse gesprekken rond de eigen ervaringen leren kinderen al die verschillen. Schoolcorrespondentie kan ze bewust maken van de verschillen tussen scholen in verschillende streken of landen.
  • De gesprekken en discussies vergroten het inlevingsvermogen. Soms komen leerlingen zover dat ze gaan denken vanuit elkaars perspectief.
  • De leerlingen leren voor elkaar op te komen, minderheidsstandpunten en de rechten van minderheden te respecteren.
  • De leerlingen vinden manieren om conflicten vreedzaam op te lossen of er mee te leven. Het zoeken naar oplossingen, waarbij rekening gehouden wordt met anderen en hun belangen, leidt niet altijd tot consensus, maar in ieder geval tot beter begrip, tot belangstelling en respect voor andere opvattingen, achtergronden en culturen.
Kennis
  • De pluriformiteit van de Nederlandse samenleving vinden we ook terug in de scholen.
  • De leerlingen ontdekken dat klasgenoten thuis en op straat verschillende waarden en normen meekrijgen. Al pratend krijgen ze zicht op de achtergronden van verschillend gedrag, op hun eigen functioneren en dat van anderen.
 
Inspectie
De kwaliteit van het onderwijs wordt van buitenaf gewaarborgd door de inspectie. Burgerschapsvorming is opgenomen in het toezichtkader van de inspectie. Op welke manier burgerschapsvorming tot zijn recht komt wordt aan de hand van twee indicatoren beoordeeld; kwaliteitszorg en onderwijsaanbod. Vanzelfsprekend zijn deze indicatoren uitgewerkt in de vorm van doelstellingen die gerealiseerd moeten worden binnen de school. Het werken met een klassenvergadering is een effectief antwoord op de eisen die de inspectie stelt mits deze goed uitgewerkt en uitgevoerd worden. De kwaliteit van het aandachtspunt ‘structureel aanbod gericht op de bevordering van sociale competenties is te waarborgen door bijvoorbeeld gebruik te maken van een sociale competentie observatie lijst.
 
Extra activiteiten
Naast de inzet van de methode “Alles-in-1” en “Levend Leren” bieden wij als school extra activiteiten aan die zorgen voor verbreding en versteviging van het aanbod.